Taalcafé in dialoog

Het is de Week van de Dialoog (3 tot en met 12 november) en daarom besteed ik op www.filosoferenopschool.nl aandacht aan wat er komt kijken bij het faciliteren van een dialoog als basis voor het filosofisch gesprek. Een gelukkig toeval was dat ik in deze Week van de Dialoog ook een workshop over de dialoog gaf voor de vrijwilligers van de Taalcafés in Rotterdam.

Taalcafé

Het Taalcafé is een goed bezocht initiatief ter bevordering van de Nederlandse spreekvaardigheid van nieuwkomers. Het vormt een aanvulling op de diverse taal- en inburgeringscursussen en heeft vooral tot doel dat de deelnemers elkaar ontmoeten en met elkaar in gesprek gaan. Op die manier bouwen ze plezier en vertrouwen op in het Nederlands spreken, ook als het (nog) niet vloeiend gaat. De vrijwilligers bereiden de bijeenkomsten voor en leiden de gesprekken.

Spanningsveld

Vanwege de inburgeringsplicht – en zeker ook de motivatie van de vrijwilligers om hun deelnemers wegwijs te maken in de Nederlandse samenleving en cultuur – is er sprake van een spanningsveld in de opzet van het Taalcafé. Een dialoog is namelijk in principe niet de plek voor kennisoverdracht en kennisoverdracht vindt doorgaans niet plaats in een dialoog . (Een belangrijke uitzondering hierop is het pedagogisch concept van ‘dialogisch onderwijs’ van R. Alexander, maar deze vergt dan ook een specifieke aanpak).

Als je daadwerkelijk een dialoog wilt faciliteren als gespreksleider, maak je ruimte voor je deelnemers om te spreken en van gedachten te wisselen en ervaringen te delen. Een bijeenkomst rondom een voor de deelnemers onbekend onderwerp of perspectief zou ertoe leiden dat vooral de gespreksleider zelf aan het woord is: om uit te leggen, toe te lichten en kennis over te dragen. Daar leren de deelnemers zeker van, maar niet op het gebied van spreekvaardigheid.
Aldus de vraag aan mij om in een workshop met de vrijwilligers de dialoog nader te onderzoeken en inspiratie te geven voor invulling van de bijeenkomsten.

Voorwaarden voor de dialoog

In de workshop hebben we – in dialoog – nagedacht over wat kenmerken zijn van een goed gesprek: een ontmoeting met diepgang, elkaar beter leren kennen, wijzer worden van elkaar, ervaringen en inzichten delen en je gehoord voelen werden daarbij genoemd. Het Taalcafé heeft daarmee in de opzet alle voorwaarden voor een goed gesprek te pakken. Voor de gespreksleider is het vervolgens van belang dat gesprek tot stand te brengen. Wat is daarvoor nodig?

  • Gemotiveerde deelnemers
  • Tijd en ruimte voor een goed gesprek
  • Een ronde tafel of kringopstelling
  • Vertragen van de communicatie
  • Oefening in luisteren, begrip tonen, vragen stellen
  • Loslaten van resultaten en opbrengsten

Tips voor de gespreksleider

Een heldere opzet in het gesprek is vaak heel behulpzaam voor zowel de gespreksleider als de deelnemers. Begin bijvoorbeeld met een anekdote of een nieuwsbericht als introductie. Er is dan ook nog gelegenheid om iets toe te lichten of uit te leggen.
Vervolgens vraagt de dialoog om open, uitnodigende vragen rondom een universeel, waardenvrij thema. Een thema dat aansluit op de introductie en waarover iedereen – ongeacht achtergrond en taalvaardigheid -kan meepraten. Bijvoorbeeld: vriendschap, werk, liefde, natuur, vakantie, school, hobby’s, talent, sport,  gezondheid, generaties, etc.

Wanneer de gespreksleider zich tot slot bewust is van zijn rol en houding staat niets een goed gesprek meer in de weg. De vijf belangrijkste tips voor de gespreksleider zijn daarbij:

  1. Geef en stimuleer respect en vertrouwen
  2. Wees nieuwsgierig naar je deelnemers
  3. Stel vragen, luister aandachtig naar de antwoorden en vraag door
  4. Voeg geen kennis of informatie toe en wees bescheiden in het geven van je mening
  5. Breng structuur aan in het gesprek, schep kaders

Chapeau

Ik heb een groep heel betrokken en gemotiveerde mensen ontmoet, die met veel zorgvuldigheid vorm willen geven aan hun vrijwilligerswerk en daarmee de kansen van nieuwkomers op deelname aan onze samenleving vergroten. Ook was het bijzonder om te horen hoeveel plezier en voldoening het de vrijwilligers zelf gaf om dit werk te doen. Met veel waardering voor hun inzet neem mijn spreekwoordelijke Franse hoed af voor alle Taalcafé-vrijwilligers. Chapeau!