Poëzieweek 2020 – De toekomst is nu

De Poëzieweek richt dit jaar de aandacht op een volgende generatie dichters, die in nieuwe vormen een eigentijdse blik op de wereld verwoordt. Het intrigerende thema dat daarbij hoort is ‘De toekomst is nu’. Dat spreekt op vele manieren tot de verbeelding en kan gaan over de toekomst van de aarde die afhankelijk is van ons handelen van nu. Het doet denken aan nieuwe technologieën waar nu al aan gewerkt en die de toekomst steeds sneller dichterbij laten komen. En het geeft te denken over wie we zelf zijn in de toekomst – blijven we dezelfde die we nu zijn, hebben we een onveranderlijke kern waarmee toekomst en heden samenvallen, of worden we iemand anders?

In deze blogpost geef ik je – in samenwerking met Annelies Goedhart – een lessuggestie voor creatief schrijven en vormgeven bij deze Poëzieweek 2020: een dialoog met je toekomstige zelf, vormgegeven in een vis-a-vis boekje.

Stap 1: Drie gedichten om samen te lezen

Een domme vraag

‘Wat wil je later worden?’
vroeg de meester op een dag.
‘Nou, gewoon wat ik nu ook ben.
Maar dan iets groter als het mag.’

Gedicht: Hans Kuyper

Een kinderspiegel

‘Als oud word neem ik blonde krullen
ik neem geen spataders, geen onderkin,
en als ik rimpels krijg omdat ik vijftig ben
dan neem ik vrolijke, niet van de lange om mijn mond
alleen wat kraaienpootjes om mijn ogen.

Ik ga nooit liegen of bedriegen, waarom zou ik
en niemand gaat ooit liegen tegen mij.
Ik neem niet van die vieze vette
grijze pieken en ik ga ook zeker niet
stinken uit mijn mond.

Ik neem een hond, drie poezen en een geit
die binnen mag, dat is gezellig,
de keutels kunnen mij niet schelen.
De poezen mogen in mijn bed
de hond gaat op het kleedje.

Ik neem ook hele leuke planten met veel bloemen
niet van die saaie sprieten en geen luis of zoiets raars.
Ik neem een hele lieve man die tamelijk beroemd is
de hele dag en ook de hele nacht
blijven wij alsmaar bij elkaar.’

Gedicht: Judith Herzberg

Opa

vroeger
heel erg lang geleden
was ik net zo groot als jij
het knopje van het licht
de bel, de kraan
de koektrommel
ik kon er ook niet bij

vroeger
heel erg lang geleden
was opa ook een kind
ik weet niet of het waar is
of dat hij het verzint

Gedicht: Hans en Monique Hagen

Stap 2: Filosoferen

Naar aanleiding van de gedichten kun je filosoferen over de vraag of je jezelf blijft wanneer je opgroeit en volwassen wordt. Stel de leerlingen (een aantal van) de volgende vragen:

  • Ben je jezelf nog als je ouder bent? Blijf je altijd dezelfde of verander je?
  • Denk je dat je vader of moeder (opa of oma) als kind heel anders was dan nu?
  • Is het moeilijk je je opa of oma als kind voor te stellen? Waarom (niet)?
  • Wat verandert er als je ouder wordt?
  • Hoe denk je dat jouw toekomst eruit ziet?
  • Hoe denk je dat jij er in de toekomst uitziet?

Stap 3: Creatief schrijven

Vraag de leerlingen een dialoog te schrijven tussen hun jonge ik en hun toekomstige ik: een gesprek tussen twee personen, jezelf van nu en jezelf in de toekomst. Om het schrijven voor te bereiden en op te warmen, kunnen ze starten door antwoord te geven op de volgende vragen:

  • Wat zou je je toekomstige zelf willen vragen?
  • Hebben jij en je toekomstige zelf dezelfde humor? Welk grapje zouden jullie maken?
  • Zouden jij en je toekomstige zelf elkaar goed begrijpen?
  • Welke tip zou je toekomstige zelf aan jou willen geven? En welke tip geef jij?
  • Wat wil je niet vergeten als je oud bent geworden?

Schrijf de dialoog uit in 12 korte, kernachtige zinnen, 6 per personage, om en om.

Stap 4: Een vis-a-vis boekje maken

De leerlingen kunnen hun dialoog vormgeven in een vis-a-vis-boekje. Hierin staan de twee personages tegenover elkaar en spreken ze op elke bladzijde een zin uit. Volg voor het maken van het boekje de onderstaande handleiding en schrijf de zinnen op de plek van de monden van de portretten.

PS.

Het voorbeeld van het vis-a-vis-boekje en de getekende handleiding maken deel uit van een gezamenlijk project met Annelies Goedhart. Gestaag werken we aan een boek vol ideeën voor creatieve teksten en evenveel verschillende boekvormen om de teksten in vorm te geven. Wordt vervolgd.

Gedichten in de klas: Poëzieweek 2019

Op 31 januari is het Gedichtendag: de start van de Poëzieweek. Tijdens de Lees “Gedichten in de klas: Poëzieweek 2019” verder

DIY: gedichten schrijven in de klas

Zoals beloofd in de vorige post geeft Annelies Goedhart een handige hand-out om zelf gedichten te schrijven in de klas. Dat past mooi bij de Poëzieweek die start op 25 januari, maar kan natuurlijk ook op elk ander moment. Het stappenplan van Annelies geeft bovendien inzicht in hoe je Lees “DIY: gedichten schrijven in de klas” verder

Poëzie in de klas: Annelies Goedhart

Blogserie: Vakgenoten

Zelfstandig maar in goed gezelschap. Zo ervaar ik mijn werk als zzp’er in illustratie, cultuur en educatie. Ik werk graag alleen en geniet ook van samenwerken, sparren, onderzoeken en uitwisselen met vakgenoten. Op mijn blog deel ik mijn ideeën en ervaringen. In een serie interviews nodig ik mijn vakgenoten uit om dat eveneens te doen en vraag ik ze op de mens af wat hen motiveert, hoe ze werken en wat ze ons vanuit hun ervaring in het vak kunnen leren. Lees “Poëzie in de klas: Annelies Goedhart” verder

Collagedicht

Nogmaals een post over gedichten. Geïnspireerd door de Poëzieweek en omdat gedichten zo fijn zijn om mee te werken. Alles zit er wel zo’n beetje in: het spelen met taal, verbeeldingskracht, filosofische gedachtesprongen… Lees “Collagedicht” verder